
Met maar liefst 10.000 aangiften van geweld, zedenzaken en misdrijven als overvallen of brandstichting gebeurt niets bij de politie. In zeker 3000 gevallen was dat omdat er geen tijd en agenten waren om de misdrijven te onderzoeken.
Het is voor het eerst dat de Algemene Rekenkamer zo diep in de resultaten van de recherche is gedoken. De bevindingen zijn volgens het instituut alarmerend. Want de Rekenkamer ontdekte ook dat de politie vaak helemaal niet weet of zij erin slagen zaken op te lossen.
Van 11.500 grote (soms internationale) opsporingsonderzoeken die wél zijn uitgevoerd door ruim 12.300 rechercheurs is onbekend of de zaken zijn opgelost of niet en wat de resultaten zijn geweest. Hoewel er jaarlijks ruim 8 miljard euro naar de politie gaat, blijft zo onduidelijk of doelen worden behaald. ‘Onbegonnen werk’, oordelen de onderzoekers.
Dat veel aangiften niet eens worden opgepakt, is minstens zo verontrustend. De Rekenkamer nam het jaar 2024 onder de loep en zag dat van de 755.300 aangiften die werden opgenomen, bijna de helft onmiddellijk niet in behandeling werd genomen. Dat ging dan vaak om kleinere vergrijpen, zoals diefstallen.
Ter illustratie: van alle internetaangiften (en dat zijn vaak kleine zaken) wordt 79 procent direct afgewezen, omdat de kans dat er een dader wordt gepakt klein is en de politie daar geen capaciteit in wil steken.
Maar de politie schuift dus ook aangiften van veel zwaardere misdrijven terzijde. Zoals bijvoorbeeld 550 meldingen van geweld en 200 zedenzaken, puur omdat er te weinig tijd en te weinig agenten voor zijn. Samen met kleinere vormen van criminaliteit ging het in 2024 om bijna 53.000 aangiften (7 procent van het totaal) die niet verder in behandeling werden genomen door gebrek aan menskracht.
De Rekenkamer hekelt ook het feit dat een deel van de zaken die wél wordt opgepakt bij zogeheten basisteams van de politie belandt. Maar die zijn helemaal niet uitgerust of opgeleid om dat soort onderzoeken op zich te nemen.

Rechercheonderzoek na een steekincident in Zwijndrecht. © Thymen Stolk
Ewout Irrgang, president van de Rekenkamer erkent dat de politie ‘altijd meer werk zal hebben dan het aankan’. „Het is kiezen. En er kunnen goede redenen zijn dat zaken niet helemaal worden uitgeplozen, bijvoorbeeld het gebrek aan opsporingsinformatie. Maar dat is bij het merendeel van de zaken niet het probleem. Het belangrijkste is bovendien dat zeden, geweld en misdrijven als overvallen tot prioriteit zijn gemaakt, maar ook die zaken blijven liggen.”
Irrgang vreest vooral dat er te veel wordt geprioriteerd en dat aangiftes die op de plank belanden ‘de prijs zijn’. ,,Daarbij komt: van een heel groot deel, drie vierde deel zelfs, weten we niet wát de resultaten van onderzoek zijn geweest. Dan weet je niet of je efficiënt bezig bent.”
Minister David van Weel (Justitie, VVD) laat weten dat hij vindt dat de Rekenkamer een ‘vertekend beeld’ schetst. „Het gaat niet alleen om aangiftes, maar ook om meldingen en de helft kon niet worden opgepakt vanwege het ontbreken van aanknopingspunten voor opsporing.” Ook benadrukt hij dat in zedenzaken ‘een solide werkproces is afgesproken’.
K