
Ook als premier kan Rob Jetten op vakantie. Maar zijn voorgangers weten: het is een vakantie met milde stress, de telefoon mag niet uit en de geheime dienst AIVD trekt zich niks aan van vrije dagen.
Hij was in Spanje, in Kroatië, in Slovenië en zelfs in het verre Patagonië – samen met zijn verloofde Nicolás Keenan natuurlijk. De afgelopen zomers waren totaal onbezorgd voor Rob Jetten. Maar een vakantie als leider van D66 is anders dan die van een minister-president. En dat gaat Jetten merken.
Formeel wordt hij vervangen door ministers – zij nemen taken over en blussen kleine brandjes. „Maar de telefoon gaat nooit helemaal uit”, zegt een oud-medewerker van de vorige premier Dick Schoof. „Grote stappen worden niet gezet. Want als het klein is, kan het wachten. Kan het niet wachten, dan moet de premier terugkeren.”
En dus is het devies: de telefoon aan laten staan voor kleine brandjes. Al is het maar om digitaal een handtekening te kunnen zetten onder documenten die écht-écht-écht een krabbel verdienen, omdat de ‘achterblijvers’ anders niet verder kunnen met hun werk. Overigens: nadien moet de premier, al is het maar voor de archieven, die documenten nog wel écht tekenen bij thuiskomst. Dat heet een ‘natte’ handtekening.
Maar het is óók vaak genoeg voorgekomen dat een premier wel degelijk moest terugkeren. Of de helft van de tijd aan de telefoon hangt. Premier Jan Peter Balkenende (CDA) maakte het mee.
Toen zijn eerste kabinet in juli 2002 was beëdigd, vlogen LPF-bewindslieden Eduard Bomhoff en Herman Heinsbroek elkaar direct in de haren. De bom barstte pas later, maar die zomer belde Balkenende vanaf zijn vakantieadres om de haverklap met de twee om de ruzietjes te sussen. Een voormalige medewerker van Balkenende concludeert: „Je kunt nooit helemaal uitstaan als premier.”
Ook Rutte ondervond het aan den lijve. Hij was op donderdag 17 juli 2014 in Zuid-Duitsland, toen zijn telefoon ging. Ambtenaren hadden berichten gezien dat vlucht MH17 was neergestort.
Eén van de medewerkers op het ministerie van Algemene Zaken had die lijnvlucht van Amsterdam naar het Maleisische Kuala Lumpur jaren eerder genomen en had gezegd: ,,Die moet vol zitten met Nederlanders.”
Wachten op het vliegveld
Ruttes voornaamste persvoorlichter haalde de premier op met het regeringstoestel. Dat ‘ophalen’ was vrij letterlijk, de medewerker zat verder in een leeg toestel. Bij het vliegveld nabij zijn vakantieadres kreeg Rutte een schoon pak aangereikt.
Rutte vertelde later hoe onzeker en eenzaam hij zich als premier, wachtend op het vliegveld, had gevoeld. Pas toen hij zijn communicatieadviseur zag bij de vliegtuigtrap, waren die gevoelens even verdwenen. „Ik dacht: ha, een bekend gezicht te midden van de verwarring.”
Daarna drong de bittere realiteit zich weer snel aan de premier op: Rutte kreeg te horen dat er ‘zeker honderd slachtoffers waren’.
Zo’n bizarre zomer is, zeggen ingewijden, wel de uitzondering op de regel. De Haagse politieke wereld is er één van ritmes. Reces is reces, de Tweede Kamer is weg, lobbyisten weten dat het een luwe tijd is, belangenclubs en vakbonden beseffen dat de vakantieperiode niet het moment is om acties op touw te zetten.
Schoof moest een verhuizing in gang zetten
Toch kan een onderbreking onverwachts komen. Zo kreeg Dick Schoof in zijn eerste zomer als premier een belletje van zijn hoogste ambtenaar met de boodschap dat zijn ministerie van Algemene Zaken in feite dakloos was geworden.
Tijdens de verbouwing van het Binnenhof wilde ‘AZ’ namelijk zo lang mogelijk op zijn plek blijven bij het Torentje. Maar het brandgevaar bleek zo groot dat de Haagse burgemeester Jan van Zanen verbood daar nog mensen te laten werken. Zo stond de premier op zijn vakantieadres ineens de verhuizing van zijn ministerie te regelen.
Het is niet alleen maar ellende, overigens. De korte zomervakantie van Schoof in 2024 werd ook nog aangepast, zodat hij iets leuks kon doen als premier. Zo werd zijn schema zó geplooid dat hij op de Olympische Spelen Sifan Hassan goud kon zien winnen op de marathon in Parijs. De toenmalige premier zag z’n kans schoon: hij is zelf hardloper en een groot bewonderaar van de Nederlandse atleet.
Jetten op zijn beurt was van plan om de halve finale van het WK voetbal bij te wonen, maar Oranje strandde. Dus rest hem nu nog twee weken in Spanje, met vrienden en familie. Zónder zijn verloofde, die is aan het trainen voor het WK hockey eind augustus. En zonder bruiloft met Nicolás. Die is een tijdje geleden al uitgesteld, vanwege de verwachte drukte.
Wellicht kan Jetten dus nog wél een hockeywedstrijd van zijn partner bijwonen, het wereldkampioenschap wordt namelijk in België én Nederland gespeeld. Al weet Jetten inmiddels ook dat hij moet uitkijken wat hij belooft; de premier kan immers worden weggeroepen. „Even kijken of dat gaat lukken”, klinkt het in de entourage van Jetten.